• door Sjaan Flikweert •
Dit gedicht verscheen in Liter 118 (september 2025). Sjaan Flikweert is een veelzijdig (podium)kunstenaar die met poëzie, spoken word, dans, muziek, theater en film verhalen tot leven brengt.
Verspilling
Er zijn dingen die we houden en dingen die we weggooien.
Een regel zou kunnen zijn: een jaar niet gebruikt, dan mag het weg.
Dit tasje draag ik nooit. Weg. Grofvuil mag buiten op zondagavond.
Dit kocht ik omdat ik te weinig geld had. Mag ook weg. Het woord trauma
mag weg. Vrouwenhaat. Niet nodig. Gooi weg. Dit restje pindakaas
past niet meer op mijn boterham. Spoel weg.
Ik begin steeds een nieuwe sudoku. Ik heb inmiddels twee boekjes
vol onafgemaakte puzzels. Ik bel mijn moeder om te vragen
wat zij vindt dat ik ermee moet doen.
Laatst crashte mijn computer en al mijn bestanden waren weg.
Ik hoop dat mijn schuur een keertje crasht. Ik heb nog ergens een parelketting
van mijn oma. Die wil ik graag houden.
Er is een keer in een vergaderruimte voorgesteld om geschilde in plastic verpakte sinaasappelen te verkopen in de supermarkt. Er is marktonderzoek gedaan. Op basis daarvan is de prijs bepaald. In een andere kantoorruimte is de verpakking bedacht. Er zijn drie ontwerpen voorgesteld, een werd gekozen. De vakkenvullers zijn er niet zo blij mee.
Als ik mezelf zonder schil en in plastic verkoop, stijgt mijn marktwaarde.
Nu ik erover nadenk, stijgt alles in waarde als je het verpakt.
Alleenstaande moeders kunnen beter niet naar de netwerkborrel gaan.
Het heeft allerlei belastingvoordelen om niet te veel gevraagd te zijn.
Deze hakken kunnen ook weg.
Ik vraag mij af hoeveel gesprekken weg kunnen.
Soms verlies ik dagenlang energie aan iets dat in een handomdraai gedaan kan zijn.
Meestal vergeet ik dat het zondagavond is en het grofvuil naar buiten mag.