De echo van de heldere afgrond van Wiman

 

door Hans van Stralen, 9 augustus 2016

 

'Geloof impliceert niet een nieuw leven, het is het oude leven nieuw gezien'

 

In She’s leaving home van The Beatles staat de regel ‘Something inside that was always denied for so many years’ die bekeerlingen zullen herkennen. Mensen die gelovig worden doen geen bizarre ontdekkingen, maar ontgrendelen intense gedachten en gevoelens die ze voorheen ontkenden, negeerden of vreemd vonden. De negatieve rol van de eerste sociale omgeving in dit proces blijkt groot. Men kan denken aan Gerard Reve die zich met zijn hang naar religieuze symboliek geen raad wist binnen het communistische milieu dat zijn jeugd domineerde. Zelfs als de bekeerling met zijn hart al aan de ‘overkant’ is, kan de omgeving hem nog in diens oude keurslijf gevangenhouden. De schaamte, die zo vaak in conversieverslagen is gethematiseerd, betreft dan ook niet alleen het feit dat de bekeerling zijn innerlijk jarenlang heeft genegeerd. Ook voor het pijnlijke gegeven dat hij zich door (onzichtbare) anderen van dat ‘iets van binnen’ heeft laten weerhouden, schaamt hij zich.

Bekeerlingen raken na deze ontgrendeling weliswaar vertrouwd met de vreemde in zichzelf maar worden daarna niet per se gelukkiger. Ze merken veeleer dat ze na een reeks indringende ervaringen hun vertrouwde leven niet meer kunnen voortzetten. Ze staan anders in de wereld en ervaren nu de wereld als vreemd. Deze discontinuïteit wordt prachtig verwoord in T.S. Eliots The Journey of the Magi. In dit gedicht lezen we dat de drie koningen na hun bezoek aan de stal van Jezus geen aansluiting meer vonden met “vreemde mensen die hun goden omklemmen”. Deze frictie sluit aan bij de bevindingen van de eerste christenen: zij stonden wel in de wereld, maar konden daar moeilijk in aarden.

 

Dr. Hans van Stralen is werkzaam aan de Universiteit Utrecht en deskundig op het gebied van hermeneutiek, literatuurgeschiedenis van de 20e eeuw (met name modernisme en existentialisme), de relatie literatuur en filosofie/christendom.

 

Christian Wiman is een vooraanstaand Amerikaans dichter, was lange tijd hoofdredacteur van het toonaangevende tijdschrift Poetry en doceert letterkunde en religie in Yale. In zijn boek My bright abyss vraagt hij zich af wat geloof voor hem betekent. Daarbij spelen zijn dichterschap en kennis van de literatuur een belangrijke rol, maar ook een sluipende vorm van kanker die hem al jaren in zijn greep houdt.
Willem Jan Otten vertaalde het boek met als titel Mijn heldere afgrond. Het boek is juichend ontvangen. Tijdens zijn vertaalwerk noteerde Otten vele citaten van Wiman in een notitieboek, omdat hij die zo bijzonder vond. Liter heeft die citaten gekregen en nodigt onder anderen schrijvers, wetenschappers en theologen uit om op een citaat van Wiman te reageren.

Submit to FacebookSubmit to Twitter