Nocturne van de geboortester

 

door Els Meeuse, 24 december 2014

 

In november bezocht ik in Utrecht het symposium ‘Ontworteling: de schrijver als nomade’. Op dit symposium werd ook werk van Hafid Bouazza besproken. Ik had op dat moment nog weinig van hem gelezen en ik beloofde mijzelf daar snel verandering in aan te brengen. Zijn meest recente dichtbundel Vrede is deze nacht zorgde ervoor dat deze nadere kennismaking een succes werd, mede door de voor mij nieuwe interpretatie van soera 97 die van groot belang is voor de bundel.

 

 

Het omslag toont The Prayer in Cairo (1865), een schilderij van Jean-Léon Gérôme dat in Hamburg te bewonderen is. Met tegenstrijdige verwachtingen opende ik de bundel. Wordt het de Koran of toch het kerstevangelie? Het blijkt in de vertaalde gedichten om een unieke vermenging te gaan.  

 

Op 7 december 2014 was Hafid Bouazza naar aanleiding van het verschijnen van Vrede is deze nacht te gast bij radioprogramma Met het Oog op Morgen. In de uitzending draagt Bouazza voor uit Vrede is deze nacht. Daarnaast wordt aan de hand van de gedichten besproken hoe het christelijk leven in het Midden-Oosten van de vroege middeleeuwen tot de zestiende eeuw eruitzag. Luister hier het gesprek (vanaf minuut 48:22) terug. 

 

Na een Woord vooraf en een uitgebreide Inleiding volgt een gedicht van de klassieke Arabische dichter Abu Nuwās; het is het motto van de bundel: ‘Nacht, zo kort, dat zijn uiteinden elkaar / Bijna aanraakten: hij was de Nacht van de Geboorte.’ De bundel van Bouazza is een bloemlezing van Arabische klassieke poëzie waarin christelijke elementen aanwezig zijn; de gedichten zijn beschrijvingen van het christelijk leven door Arabische dichters. Tot slot zijn ook twee gedichten van christelijke dichters opgenomen. De poëzie in de bundel wordt verbonden door de Koran, het Kindeke en kloosters.

 

Het gedicht dat het meest in het oog springt en ook veel extra aandacht krijgt (naast de uitgebreide inleiding zijn achterin de bundel bij elk gedicht aantekeningen opgenomen) is ‘Soera 97’, ook wel bekend als De Nacht van de Voorbestemming. Eeuwenlang stelde men dat hierin de nacht wordt beschreven waarop de Koran werd geopenbaard. Eveneens eeuwenlang werd aangenomen dat de Koran in een linguïstisch vacuüm is ontstaan en opgetekend. Een tamelijk recente analyse gaat hier tegenin. Christoph Luxenberg (pseudoniem) publiceerde in 2000 een onderzoek naar de invloed van het Syro-Aramees op het Arabisch van de Koran. Luxenbergs nieuwe benadering van soera 97 vormt de basis van de vertaling van Bouazza. 

 

 

Soera 97

Lees gedicht 

 

Soera 97

 

Wij hebben hem in de nacht van de geboortester gezonden.
Wat zal u doen weten wat de nacht van de geboortester is?
De nocturne van de geboortester is genaderijker dan duizend vigiliën.
Daarin zingen de engelen en de Heilige Geest hymnen
Met toestemming van hun Heer.
Vrede is deze nacht tot het rijzen van de dageraad.

 

Vertaling: Hafid Bouazza

Traditioneel wordt deze soera uitgelegd als een beschrijving van de nacht waarop de Koran nederdaalde. Er is echter geen aanwijzing dat de ‘hem’ in de soera inderdaad de Koran zou zijn. Het zou hier ook om de geboorte van Jezus Christus kunnen gaan. Bouazza verwijst bij deze soera naar Lucas 2:14, waarin de engelen God loven en het ‘Ere zij God’ klinkt. Een controversiële interpretatie voor veel moslims, dat moge duidelijk zijn. Maar voor mij, als christelijke lezer, klinkt het niet meer dan logisch.

 

Na deze soera volgt de vertaling van de soera van Jezus’ geboorte. Maar de bundel biedt nog veel meer. Het omslag vermeldt niet voor niets ‘winterpoëzie’. Er zijn ook de nodige klassieke Arabische wintergedichten opgenomen, waarin vaak kloosters opdoemen. Poëzie om op een koude winterdag bij de open haard tot je te nemen.

 

Naast gedichten die makkelijk weglezen en bij mij niet de neiging oproepen mijn ogen nogmaals over de regels te laten glijden, vind ik in de bundel poëzie waar ik van houd: poëzie die na vijf keer lezen nog steeds nieuw is. Ik sluit daarom af met de vertaling van een gedicht van Ibn ‘Abbād. 

 

27

Lees gedicht

 

27

 

Waar ik ook heen rijd, de hand van de aarde blijft
Op mijn gewaden regels schrijven die niet te verbergen zijn:

 

De aarde is een inktpot en de inkt is van miezer,
Het rechterbeen van de schimmeltros is de pen en mijn gewaad het velijn.

 

Ibn ‘Abbād, vertaling: Hafid Bouazza

Hafid Bouazza, Vrede is deze nacht. Prometheus, Amsterdam 2014, 128 blz. € 19,90.

Submit to FacebookSubmit to Twitter