Met dit gedicht won Hilde Bosma in 2011 de tweede prijs in de schrijfwedstrijd van de Biënnale van Poeke, België. 

 

 {youtube}5R6vx7B6yUU{/youtube}

 

Het gedicht vormt het eerste gedicht van een tweetal. Beide gedichten kunt u hier nalezen. 

 

 

Ze zou nog tot God, of voor God, kunnen bidden. Maar God is aan de beurt. Hij talmt, denkt ze. Hij is lui. Lusteloos. Of zou het zijn onzekerheid zijn? Incertitudo primordialis. Arme God. Maar als het mijn beurt weer is zal ik bidden: ‘Lieve God, laat het einde alstublieft altijd, altijd zoek zijn.’

 

Toon Tellegen, Ik zal je nooit vergeten, p. 13.

 

 

 

Puer aeternus I

 

De jongen houdt zijn lippen op elkaar

en knijpt zijn ogen dicht. Misschien

mag ik zijn zwarte plassertje niet zien.

Hij is al groot, hij is al lang vijf jaar

 

en uitgedroogd: de jongen is niet zwaar.

Stel nu, dat ik hem oppak en met linnen

de werkplek op zijn linkerzij verbind,

dan trek ik hem daarna een pyjama aan,

 

als mij dat lukt. Ik houd hem met één arm

tegen me aan, met rechts leg ik een laken

daar waar hij altijd op de glasplaat ligt.

 

En straks probeer ik aan de binnenkant

van de vitrine een gordijn te maken:

als hij dan lekker slaapt, doe ik die dicht.

 

 

 

Puer aeternus II

 

Ik fluister een verhaaltje in je oor

want je wilt weten hoe het verder gaat

wanneer je slaapt. Zolang ik met je praat

zul je mooi dromen. Daarom praat ik door:

 

je oortje zal vanzelf zachtroze worden,

omdat er naar je wordt gezocht. Wacht maar:

de witte prins komt bij je, 's avonds laat

of hij bezoekt je heel vroeg in de morgen.

 

Hij is een man, die veel van jongens houdt

en desnoods met geweld binnen zal komen

om jou te zien. Als je bent uitgerust.

 

En deze man heeft jouw naam wel onthouden.

Je zult met hem naar buiten lopen

als hij je op de lippen heeft gekust.

 

 

 

Puer aeternus is geschreven bij mummie AMM 27C, Rijksmuseum van Oudheden, Leiden. 

Materiaal: organisch.

Verwerving: aankoop, 1828.

Techniek: mummificatie.

Staat van bewaring: volledig.

Submit to FacebookSubmit to Twitter