door Jaap Goedegebuure, 2 december 2020


‘Lolita, light of my life, fire of my loins.’ Negen gevleugelde woorden die het begin markeren van Nabokovs befaamde schandaalroman over de verhouding tussen het tienermeisje Dolores en haar bijna veertigjarige stiefvader Humbert Humbert. De tweede helft van deze openingszin komt vrijwel letterlijk (‘vuur van mijn lendenen’) en meer dan eens voor in Mijn lieve gunsteling, de nieuwe roman van Marieke Lucas Rijneveld. Daarmee schrijft de winnares van de International Booker Prize (voor haar debuutroman De avond is ongemak) zich zeer bewust in bij een traditie die in Nederland vertegenwoordigers heeft als Paul Marijnis (De zeemeermin en De loden schoentjes), Geerten Meijsing (Dood meisje) en P.F. Thomése (De weldoener). Drie oude witte mannen, dat wel.

Het mag op zijn minst opmerkelijk heten dat een vrouwelijke auteur een trend volgt die in het MeToo-tijdperk de wenkbrauwen zal doen fronsen en er al toe heeft geleid dat in sommige recensies naast loftuitingen ook de kwalificatie ‘weerzinwekkend’ te vinden is. Maar Rijneveld hoort nu eenmaal niet tot het standaardtype schrijfster. Onvervaard laat ze haar negenenveertigjarige verteller pagina’s lang en in talloze variaties uitweiden over de wens van zijn veertienjarige nimfijn om ‘een jongensgewei’ te bezitten, een wens waarin hij haar zoveel mogelijk stimuleert en tegemoet komt, met allerlei erotische escapades tot gevolg.

 



Mijn lieve gunsteling
is vormgegeven als één ononderbroken monoloog, afkomstig van de verteller, met het meisje van zijn dromen als aangesprokene, en ‘de magistraten’ tegenover wie hij zijn pedoseksuele gedrag moet verantwoorden als derde partij. Daarmee is de roman biecht én apologie, net als Nabokovs Lolita, met dit verschil dat Humbert Humbert terecht staat voor moord en Rijnevelds ik-figuur voor ontucht met een minderjarige.

Naar goed literatuurwetenschappelijk gebruik mogen we deze verteller, de veearts die in Rijnevelds eerste roman De avond is ongemak al een minder frisse bijrol vervulde, ‘onbetrouwbaar’ noemen. Het is via zijn specifieke perspectief dat we de jonge heldin van de geschiedenis in beeld krijgen. Net als de oorspronkelijke Lolita komt ze over als een ambivalent karakter, deels kinderlijk onschuldig, deels geraffineerd en manipulatief. Ze laat zich niet alleen verleiden maar verleidt zelf net zo hard. Toch doen we er goed aan te blijven bedenken dat het de verteller is die haar zo neerzet. Mocht ze dezelfde zijn als de hoofdpersoon van De avond is ongemak, dan weten we dat de duistere krochten van de ziel haar zeer vertrouwd zijn. Behalve door Freud laat ze zich ook leiden door Hitler en de aan drugs ten onder gegane zelfmoordenaar Kurt Cobain. Ze verbeeldt zich zelfs dat ze op 9 september 2001 een van de Twin Towers binnen gevlogen is, met eigen vleugels en op eigen kracht.

Het is de stijl van Mijn lieve gunsteling die onderstreept dat de verteller ons een sterk gekleurd verhaal voorschotelt. Ook nu de liefdesaffaire min of meer achter de rug is en alleen nog maar voor de rechtbank moet worden afgewikkeld, staat zijn verhaal in het teken van een obsessie die met de nodige bewustzijnsvernauwing gepaard gaat. De spreektrant is delirerend, gekruid met krasse metaforen en plastische details, zonder pauzes voortijlend, en ronddraaiend in een gesloten circuit waarvan de polen Waan en Luciditeit heten. Maar dat delireren is ook gedrenkt in literatuur en lyriek, want onze man én zijn meisjesidool zijn goed thuis in de internationale canon, die niet alleen Nabokov maar ook T.S. Eliot, Rilke, Gerard Reve en Roald Dahl omvat. Daarnaast wordt er frequent geciteerd uit de Psalmen en horen we echo’s van het Hooglied, teksten die bijdragen aan een couleur locale die duidelijk wijst naar de Hollandse Biblebelt als plaats van handeling. Met dat laatstgenoemde stukje intertekstualiteit wordt een flinke accolade geplaats bij de hachelijke betrekkingen tussen religie en erotiek. Misschien mag je, gelet op de persoonlijkheid van de verteller, behalve van pedoseksuele geaardheid ook wel van godsdienstwaanzin spreken.

Wat moeten we vinden van dit inmiddels geestdriftig onthaalde boek? Knap, dat is het zeker, indringend, bij vlagen zelfs hallucinant. Het gaat alleen wat te lang door, wat mij betreft wel minstens zo’n vijftig pagina’s. Driehonderdvijftig bladzijden een strak staande spanningsboog volhouden, dat is veel gevraagd, zelfs van een winnares van de International Booker Prize. In het geval van de oorspronkelijke Lolita is dat miraculeus gelukt, bij nagenoeg dezelfde omvang, maar die roman was dan ook gesigneerd door een absolute grootmeester. 

 

Marieke Lucas Rijneveld, Mijn lieve gunsteling. Uitgeverij Atlas Contact, Amsterdam 2020, 368 blz., €24,99.

Submit to FacebookSubmit to Twitter