door Len Borgdorff, 24 juni 2020

Het lukt me niet helemaal om goed onder woorden te brengen wat ik bedoel. Dat komt ook omdat het niet meevalt om erachter te komen wat dat precies is. (Tot de punt van dit stukje van de vorige zin bedroeg het aantal woorden 30. Daarvan waren er 26 getikt toen de telefoon ging en na de telefoon had ik een kappersafspraak. Onderweg naar en vooral van de kapper heb ik zeven mensen gesproken. Ik heb geluncht, Mente en ik hebben de agenda’s weer op elkaar afgestemd en zo is er nog het een en ander. Toen we twee uur verder leefden, tikte ik het 27ste woord, het woordje ‘wat’. Het stukje na de punt achter de tweede zin kun je gewoon overslaan, alsof alles daarna niet gezegd is. Tot hier.) Ik moet denken aan De Vergaderzaal van A. Alberts, een novelle waarin een overspannen directeur een tijdlang de vergaderingen niet bezoekt om dan weer terug te keren alsof er niets gebeurd is.

Of: je leest een boek en komt op 9 mei 1940 tot bladzij 126 en op 6 mei 1945 ga je daar weer verder. Er is niets gebeurd.

 

jaren later, toen alles weer achter de rug was,

nam ze weer achter de piano plaats. Liszt stroomde

er foutloos uit. Iedere noot,

iedere overgang, versnelling,

vertraging,’

 

 

In dit gedicht van Ellen Deckwitz is de ‘ze’ de grootmoeder van de ik en bij dat alles wat achter de rug was, moet je ook denken aan een verblijf in een Jappenkamp.

 

De muziek wordt drempelloos en onbeschadigd hervat. In feite is ook Twee Vrouwen volgens dat principe gebouwd, en nog nadrukkelijker kom je het tegen bij Voorval, beide van Mulisch. Tussen twee opeenvolgende momenten in het nu hangt, onzichtbaar, een lus vol verleden.

 

Het gedicht gaat verder, paradoxaal genoeg met drie witregels. Dat is drie keer niks, maar in computertermen: drie keer een harde return. Dat klinkt heel anders. Dat hakt erin. We lezen:

 

‘alleen het midden ontbrak,’

 

Daarna een witregel en dan, tussen de haakjes die aangeven dat hier de overleden overgrootmoeder met haar volwassen kleindochter praat:

 
‘(Ach, kleintje, ik had honger,

               heb dat stuk waarschijnlijk opgegeten.)’

 

Alsof dat stuk, die tijd er niet meer is.

Het gedicht gaat verder, of het verhaal gaat verder in het volgende gedicht, maar ik beperk me tot deze bladzij uit de bundel, bladzij 40.

 

In films en spannende verhalen eet iemand wel eens een belangrijke boodschap op omdat die niemand anders onder ogen mag komen. Dus dat wat verdwijnt, wordt geconsumeerd, is van het grootste belang, maar het lijkt wel alsof je die essentie gewoon kunt overslaan. Zoals je vertrouwd kunt leven met iemand die je nooit het hele verhaal vertelt. Zoals de grootmoeder, zoals Joop Citroen die ik vorige week ter sprake bracht, zoals ook de ouders van Madeleine Albright hun dochter nooit vertelden over haar joodse bloed en haar vergaste grootouders. Of omgekeerd, dat iemand doof of blind is voor het verhaal van een ander.

 

Tegelijkertijd doet het consumeren van de partituur me denken aan de wetsrol die God de profeet Ezechiël laat eten. De woorden proeven zoet als honing in zijn mond.

Deze vorm van consumptie betekent juist dat iemand zich iets volledig eigen maakt. Dat iemand zich identificeert met wat zij of hij eet.

 

Het middenstuk uit de partituur van Liszt is de grootmoeder zelf, maar het middenstuk dat ze overslaat, de ellende dat is zij ook zelf, het verhaal waar de een mee leeft of over struikelt, van herbeleving naar herbeleving zonder daar ooit een woord aan te wijden, de ander lijkt juist wel eens de andere alinea’s van het levensverhaal te vergeten en heeft het alleen maar over die bijzondere ervaring.

Neem en lees, neem en eet.

Poëzie is eetbaar.

 
Lees gedicht

tekst bladzijde 40:

jaren later, toen alles weer achter de rug was,

nam ze weer achter de piano plaats. Liszt stroomde

er foutloos uit. Iedere noot,

iedere overgang, versnelling,

vertraging,

 

alleen het midden ontbrak,

 

(Ach, kleintje, ik had honger,

                heb dat stuk waarschijnlijk opgegeten.)

 

Ellen Deckwitz

 

Ellen Deckwitz, Hogere natuurkunde. Amsterdam / Antwerpen 2019.

Submit to FacebookSubmit to Twitter