door Lorna Wijma, vrijdag 5 juni 2020

De ogen van Fadil van Mohammed Benzakour is een bijzondere verzameling korte verhalen. Met absurde humor en sensualiteit weet Benzakour filosofische onderwerpen te behandelen om zo op subtiele wijze de lezer te raken. Een groot thema binnen de bundel is het ingrijpen van een hogere macht om onrecht te herstellen: geen misdaad blijft onbestraft. Fadil gebruikt in het titelverhaal zijn ogen om vrouwen te verleiden. Eerst lijkt alles hem moeiteloos af te gaan, maar uiteindelijk wordt hij achtervolgd door de consequenties van zijn ijdelheid en kan hij geen rust vinden. De ogen in de titel van de bundel zouden ook symbool kunnen staan voor alle zonden die in dit boek bestraft worden. De daden van mensen en dieren worden kennelijk gezien door een hogere macht, aangezien niemand in deze bundel aan de gevolgen van zijn daden kan ontsnappen. Oog om oog, tand om tand.



Het valt op dat het kwaad in deze verhalen telkens wordt verricht door iemand van een hogere status dan het slachtoffer, zoals bijvoorbeeld door een koning ten opzichte van zijn onderdanen. De bundel uit het idee dat ongeacht de hoogte van de wereldlijke macht, iedereen zich uiteindelijk zal moeten verantwoorden bij een nog veel grotere macht, in deze bundel aangeduid als ‘de Schepper’. Zo wordt in ‘De Vliegende Hond’ een hond verschrikkelijk mishandeld door een man, die door zijn menselijke positie de macht over hem heeft. De wanhopige hond wordt geholpen door een zwerm bijen die hem aanmoedigen om te vliegen. De hond gelooft eerst niet dat hij dit kan, maar de bijen geven aan dat hij enkel in de Schepper moet geloven. Iedereen die de hond daarna tegenkomt, is verwonderd over het feit dat hij kan vliegen. De hond beantwoordt alle verbaasde blikken met de twee woorden: de Schepper. Nu de hond kan vliegen, heeft hij een hogere positie verkregen ten opzichte van zijn mishandelaar en hij zet het hem betaald door hem te achtervolgen en zijn behoefte over hem heen te doen. De man wordt hier letterlijk achtervolgd door zijn slechte daden. De goedheid van de bijen helpt de hond; deze goedheid is gelegen in hun gelijkheid en eenheid.

Ook in ‘De Ezel en de Puntmutsgeest’ zien we dat iedereen, hoe groot zijn macht ook is, uiteindelijk niet kan ontsnappen aan zijn lot. In dit verhaal verandert een ongelukkige ezel met de hulp van een geest telkens in een ander dier, om zo te ontsnappen aan lijden en de dood. Op den duur verandert hij in een menselijke koning. Wanneer hij echter de hoogste positie bereikt heeft en alles bezit wat hij maar kan wensen, kan hij nog steeds niet ontsnappen aan de dood. De koning is bang voor de hel en besluit daarom in een vlam te veranderen. Op dat moment wordt hij geblust met water. Water is onverslaanbaar, denkt hij vervolgens en hij vraagt de geest om hem in een beekje te veranderen. Een ezel drinkt dit beekje uiteindelijk tot de laatste druppel op. Als ezel is hij ook de wereld ingekomen en de cirkel is weer rond.

De ogen van Fadil is een korte verhalenbundel over aparte, surreële gebeurtenissen die desondanks alledaagse levens en gedachtes raken. Ik heb deze sprookjesachtige bundel met veel plezier gelezen. Het laatste verhaal ontroerde mij vooral. ‘Zoubida Bogart’ is het enige verhaal in deze bundel dat niet binnen het thema past. Deze liefdesgeschiedenis is te interpreteren als de separatie tussen de verteller en zijn geboorteplaats, zijn eerste liefde. Hij heeft het naar zijn zin in zijn nieuwe leven, maar zegt: ‘Ik miste mijn dorp. Ik miste Zoubida.’ Wanneer hij jaren later terugkeert, is de vrouw verdwenen; dit staat symbool voor een verscheurdheid tussen twee plaatsen, waar de verteller zich niet meer helemaal thuis voelt. Je eerste liefde vergeet je nooit, maar er zullen meer liefdes zijn. Anders, soms mooier, soms minder mooi, maar toch aanwezig in de brede verzameling aan uiteenlopende levensherinneringen. Benzakour is geboren in Marokko. Wellicht is er dus een autobiografisch element aan dit verhaal over Zoubida verbonden. Er wordt in de bundel niet expliciet gemaakt waar de verhalen zich afspelen, maar Marokko is goed mogelijk, gezien de rol van de islam en de aanwezigheid van de woestijn. Een keer spreekt de verteller zelfs over ‘één niet nader te noemen landgebied’.

Benzakour is bekend door onder andere de boeken De koning komt (2015) en Tien op een ezel (2018). Hij is geliefd vanwege zijn humor en originele invalshoeken. De schrijver deelt in zijn verhalen opinies over de multiculturele samenleving in Nederland. Door de grappige aard van de absurde situaties, schemert een helder inzicht over de eenheid van de wereld. Juist deze absurditeit zorgt ervoor dat het niet meer uitmaakt of het gaat om mens of dier, in welk land het verhaal zich afspeelt, om welke cultuur het gaat of welke hogere macht het betreft. Als we ons maar realiseren dat we ons moeten verantwoorden voor onze daden en dat het er wel toe doet hoe wij leven, lijkt Benzakour te willen zeggen. De belangrijkste begrippen van welke religie dan ook zijn goedheid en eenheid. Geen enkel verschil doet ertoe. We zijn gelijk in onze reis door het leven, die we mooier kunnen maken met de goedheid die ons bindt.

Mohammed Benzakour. De ogen van Fadil. Uitgeverij AmboAnthos, Amsterdam 2020, 208 blz., € 20,99.

Submit to FacebookSubmit to Twitter