door Len Borgdorff, 21 augustus 2018

 

Voor Steven

 

Ik zat er op de eerste rij, bij het optreden van John Prine in Paradiso. Steven had me niet alleen, een half jaar geleden was dat, kennis laten maken met deze Singing Mailman, hij had me ook meegenomen naar het concert en me daar vooraan van een biertje voorzien. Een VIP-behandeling.

 

 

Die John Prine timmert als zanger al bijna vijftig jaar aan de weg, maar pas een paar maanden terug kwam hij op mijn pad, deze in de muziek gepokt en gemazelde en door het leven enigszins misvormde man, van wie ik onmiddellijk ben gaan houden.

In mijn bloknootje schreef ik een enkele flard op van wat hij zong: misschien dat ik daar iets mee kon. Daar hoorde het sentimentele ‘We lost Davy in the Korean war’ niet bij, niets van het al even sentimentele liedje waarin het voorkwam, over een oude en vergeten man.

 

Lees gedicht

 

Hello in There

 

We had an apartment in the city
Me and Loretta liked living there
Well, it'd been years since the kids had grown
A life of their own left us alone
John and Linda live in Omaha
And Joe is somewhere on the road
We lost Davy in the Korean war
And I still don't know what for, don't matter anymore

Ya' know that old trees just grow stronger
And old rivers grow wilder ev'ry day
Old people just grow lonesome
Waiting for someone to say, "Hello in there, hello"

Me and Loretta, we don't talk much more
She sits and stares through the back door screen
And all the news just repeats itself
Like some forgotten dream that we've both seen
Someday I'll go and call up Rudy
We worked together at the factory
But what could I say if asks "What's new?"
"Nothing, what's with you? Nothing much to do."


So if you're walking down the street sometime
And spot some hollow ancient eyes
Please don't just pass 'em by and stare
As if you didn't care, say, "Hello in there, hello."

 

John Prine

Maar dat ene regeltje van Davy die was lost in the Korean war kwam naderhand telkens weer bovendrijven.

Een paar weken lang bleef Petit Simon van Aufray aan me haken, zoals te lezen valt in mijn vorige In Poësis, nu was het dit regeltje van Prine, en dat in bijna dezelfde context. Petit Simon was niet alleen mijn inmiddels grote zoon Simon, maar ook zijn zus, én zijn in centimeters nog grotere broer Jasper.

Die werd begin dit jaar getackeld door het Guillain-Barré Syndroom, ja, het gaat al veel beter. Vorige week kwam hij zelfs even langs, op de fiets en later keken wij hem na toen hij weg fietste. Het was een blijmoedige Jasper die nu de straat uitreed, slingerend en op een zadel dat eigenlijk veel te laag stond voor zo’n grote man. De Mont Ventouxbestormer die hij vorig jaar nog was is hij nog lang niet, als dat er nog ooit van komt.

Vrijdagavond bij Prine werd mijn nog levende Jasper even de Davy who was lost in the Korean war. En zondag, in de kerk, zag ik hoe een paar rijen voor me een jonge moeder haar arm sloeg om háár zieke Davy, die er nog is, maar om wie de zorgen ook groot zijn. En bij vrienden hadden we het later over hun dochter, hun Davy, die stralend door het leven vloog om nu ineens, loodrecht op de grond te ploffen.

 

Al die Davy’s leven nog. Dat wel. Goddank. Je moet er toch niet aan denken.

 

John Prine schreef Hello in There in 1971, 25 was hij toen. Een van-dik-hout-zaagt-men-plankenlied, niet geschikt voor iemand die in de buurt van geraniums heeft toe te zien hoe leven zich aan kinderen voltrekken kan.

 

Ik krijg zojuist een mailtje dat de bestelde cd van Prine binnen is. Dat wordt dan mijn derde.

 

‘Hello in there’, Great Days:The John Prine Anthology, Rhino Entertainment, 1993.

Submit to FacebookSubmit to Twitter