door Menno van der Beek, 9 mei 2018

 

Van koning David wordt gezegd dat hij drie grote helden had, en daarnaast nog een heleboel meer helden, maar zo goed als de bovenste drie, dat haalde niemand. Zo ook ongeveer in mijn boekenkast: Harry Mulisch, Jerome David Salinger en Boeli van Leeuwen zijn de drie, die boven de rest uittorenen. Over de volgorde onderling lopen de meningen in de tijd uiteen, maar dat terzijde, want het gaat nu over Boeli van Leeuwen (1922- 2007): man van Curaçao, geboren eilander, schrijver van 5 briljante romans, een aantal opstellen en een dichtbundel.

 

 

De man is hier lang niet beroemd genoeg: ik kocht ooit uit verveling een pocket van een schrijver waar ik nog nooit van gehoord had, Het teken van Jona, in de ramsj bij de V&D, een bedrijf dat dan ook terecht ten onder is gegaan. Het bleek een geniale, geestige en eigenzinnige roman over het warme eiland, met diepe gedachten over een weemoedig paard, veelzeggend drankgebruik en het najagen van een grote vis. Af en toe viel ik van bewondering van de bank, bij, bijvoorbeeld, deze regels:

 

'Volgens mijn goede vriend, pater Alvare Queverdo, van de orde der zwijnenhoeders, kennen kippen en eenden maar één gebed: "Lieve God, maak alstublieft de eieren kleiner of mijn anus groter, but do something"'.

 

Ik sprokkelde al zijn boeken antiquarisch bij elkaar – en raad steeds iedereen tot vervelens toe aan dat ook te doen – en hij reikte dus tot de lokale top drie, maar de man zelf bleef enigszins een mysterie. Ronald Westerbeek sprak hem ooit, op het verre eiland, en deed daar verslag van, maar verder wist ik alleen wat door de boeken heenlekt, want men krijgt al lezende sterk de indruk, dat ze allemaal min of meer over Boeli van Leeuwen zelf gaan.  Maar er is vooruitgang, want bij de lokale kringloop trof ik een boekje van de mij onbekende Rob van Olm, en de eerste veertig pagina’s gaan over Boeli van Leeuwen en over zijn mede eiland-schrijver Tip Marugg.

 

Als de auteur een paar plezierige dagen met van Leeuwen heeft doorgebracht, en de liefhebber zo een nieuwe kijk in zijn leven gunt, rijdt van Olm met zijn mede-interviewer Jan en met van Leeuwen over de lokale Julianabrug:

 

‘lachend reden we de brug op en Jan vroeg hem, wat hij van die brug vond. Hij gaf geen antwoord en draaide de muziek harder. [..] hij bracht ons zwijgend naar het hotel. We vroegen wat er aan de hand was. “Jullie hebben iets verkeerds gezegd”, zei hij, maar verder wilde hij er niet over praten. Hij groette ons nauwelijks [..] en reed hard weg.’

 

‘Een paar dagen later schoof Boeli [..] bij ons aan. [..] “we moeten maar vergeten wat er van de week gebeurd is”, zei hij. “Jullie konden dat niet weten van die fucking bridge.” Ik vroeg hem of zijn dochter er van af was gesprongen. Hij knikte, hij zag er grauw uit.’

 

Ach. Dat wist ik niet.

 

Boek: Rob van Olm, In de schaduw van het Licht, Thomas Rap, Amsterdam 1991 – gekocht bij de Rotterdamse kringloop voor € 1,20 

 

http://ronaldwesterbeek7.blogspot.nl/2014/12/zoekend-naar-de-vader-de-genadeloze.html

http://wapenveldonline.nl/artikel/1226/dit-gezegd-hebbende-brak-een-van-de-poten-van-mijn-stoel-doormidden/

https://www.leesliter.nl/index.php?option=com_content&view=article&id=754:nalatenschap-boeli-van-leeuwen&catid=67

Submit to FacebookSubmit to Twitter