Op een dag in het winterse voorjaar zitten Tommy Wieringa en Gerda van de Haar en Len Borgdorff van Liter aan tafel bij Marcel Möring. Hij is onze gastheer, onze kok en de gesprekspartner van Tommy Wieringa. De conversatie verloopt moeiteloos, met soms een overdrijving of understatement om de goede verstandhouding te vieren. Enkele fragmenten van het gesprek komen op leesliter.nl, het leeuwendeel verschijnt in Liter 86 (juni 2017) en 88 (december 2017). Dit is fragment 1.

 

Door Len Borgdorff en Gerda van de Haar, 26 juli 2017

 

Joe Speedboot was al een total loss voordat het de weg op was

 

We wijden ons aan de zuurkool die Möring ons heeft voorgeschoteld en het gesprek komt op het buitengewone succes van Wieringa’s Joe Speedboot. Dat blijkt niet vanzelf te zijn ontstaan. De gastheer merkt op: ‘Het had niet veel gescheeld of Joe Speedboot zou zijn toegevoegd aan de reeks onopgemerkt gebleven boeken, Tommy. Daar heb je waarachtig nog zendingswerk voor moeten verrichten.’

‘Heel veel, ja.’ Wieringa vertelt hoe hij met dat boek door het oog van de naald gekropen is.

 

 

‘Er gebeurde helemaal niks. Eerst waren er vierhonderd uitgeleverd aan boekhandels, waarbij je je kunt afvragen hoe de verkopers hun werk gedaan hebben. Vierhonderd. Mijn redacteur belde nog. Dat was trouwens net toen het huis van mijn moeder was afgebrand, door de kaarsjes van mijn zus. Mijn moeder zelf zat in Egypte. Ik heb haar toen opgebeld en gezegd: ik heb goed nieuws en ik heb slecht nieuws voor je. Wat wil je het eerst horen? Doe maar eerst het goede, zei ze. Nou, zei ik, je dochter leeft, maar ze heeft per ongeluk je huis aangestoken. Ik heb toen alles geregeld, schade-experts, verzekeringskwesties, tijdelijk onderkomen voor haar, de hele rataplan. Ze woonde boven de winkel, in een zeventiende-eeuws pand aan de Vismarkt in Groningen, naast Huize Maas. Je kent het vast wel.’ Möring bromt instemmend en knikt.

 

‘Hoe dan ook, ik stond rond het gedoe met die brand bij de Albert Heijn en toen belde dus die redacteur: de uitgever had vierhonderd exemplaren bij de boekhandel gesleten. Ik was verbijsterd. Dat boek was al een total loss voordat het de weg op was. Maar ik was zoiets natuurlijk al drie boeken gewend. Dus ik dacht: toe maar. En toen schreef Pieter Steinz, ik weet het nog precies, op 28 januari, een werkelijk zo briljante recensie in NRC, paginagroot. Dit is hét boek, daar kwam het op neer. Daarop kwamen er veel meer recensies. Maar toen ik daarna bij De Bij was, lieten ze me de statistieken van het Centraal Boekhuis zien en daar was geen enkel effect te merken!

 

Nu had ik net een bestand met e-mailadressen van vrienden en kennissen gemaakt en die ben ik met mails gaan bestoken: ga naar de boekhandel, blijf vragen naar het boek, bestel het. Ook heb ik toen een brief geschreven. Die kwam bij toeval ook bij de Haagsche Courant terecht en werd daarin samengevat als: schrijver boos door uitblijvend succes. En daarover schreef het Boekblad weer. Ik had namelijk gezegd dat een boekhandelaar met geen stroomstok in beweging te krijgen is. Daar reageerden die boekhandelaren nogal geagiteerd op en toen hing het Boekblad er een enquête aan met drie opties: [1] Er is niks mis met commercie; [2] Ik schaam me wel eens voor onze commerciële insteek; en [3] Wie is Tommy Wieringa? Dat laatste antwoord scoorde zevenenvijftig procent. Intussen was wel de belangstelling gewekt, het boek werd eindelijk ingekocht. Ik heb enorm gezwijnd, kun je wel zeggen.’

 

Maar ze moeten bij De Bij toch hebben gezien wat ze met dat boek in handen hadden, veronderstellen we. ‘Had je zelf het gevoel dat ze wisten wat het voor boek was?’

 

‘Dat wel. Ik had de eerste helft al laten lezen aan mijn redacteur en die gaf het weer aan anderen, waarop er zoveel enthousiasme op me af kwam dat ik een paar maanden van slag was.

 

Möring: ‘Daarom lever ik nooit een stukje in.’

 

‘Precies, dat heb ik daarna ook niet meer gedaan. Want de rest moet dan net zo goed zijn en dat geeft veel druk. Bij De Bij wisten ze dus wel dat het een goed boek was, maar daar hadden de verkopers niet mee gerekend. Die hebben je op basis van verkoop van eerder werk al lang bij de marginale auteurs ingedeeld, net als de boekhandel. Dat kan je kansloos maken.’

 

Submit to FacebookSubmit to Twitter