door Suzanne van Putten, 30 november 2015

 

De eerste keer dat ik Orgelman in handen had, was het boek nog niet van mij. Dat betreurde ik gelijk: Schaevers’ nieuwe werk, een biografie van de schilder Felix Nussbaum, is een feest om in handen te hebben. Afgedrukt op mooi papier en vol kleurenfoto’s van indrukwekkende schilderijen. Ook bij het lezen van de zoektocht naar de Joodse schilder Felix Nussbaum bekroop me steeds het besef iets bijzonders in handen te hebben.

 

 

Schaevers heeft de biografie chronologisch opgesteld. De schilder vecht op het volle artistieke strijdveld voor erkenning en krijgt langzaamaan naam, terwijl hij zich meer in de artistieke scene begeeft. Dat is echter niet de enige ontwikkeling die het leven van Nussbaum tekent. Nussbaum leefde van 1904 tot 1944 en overleed in een concentratiekamp. Ook de weg daarnaartoe wordt in het verhaal op de voet gevolgd – met alle tussenliggende momenten van angst en onzekerheid, gevolgen van een steeds strenger wordend regime. Orgelman is daarmee niet alleen een biografie van een man, maar ook van een tijd, een situatieschets, uitgestreken over de jaren waarin Hitler aan de macht kwam en was.

 

Wat die tweeslag zo bijzonder maakt, is de overvloedige aanwezigheid van beeldend getuigenmateriaal in de vorm van Nussbaums oeuvre. Hoewel delen van zijn werk verloren zijn gegaan (onder andere door een atelierbrand in 1932 waar ca. 170 werken in rook opgingen), is er ook veel bewaard gebleven. Het boek fungeert zowel als een dieptepeiling, door de strijd van één mensenleven, als ook als een overzichtswerk: wat gebeurde er in het artistieke veld, hoe is Hitlers ingrijpen merkbaar?

 

Nussbaums oeuvre maakt de stap die de biografie maakt – van biografische elementen naar (beschrijving van) de schilderijen – goed mogelijk. Of dat meer is dan bij andere kunstenaars, weet ik niet. Ik ben me er in ieder geval meer van bewust hoezeer deze kunstenaar zichzelf in zijn werk legt. En hoe een oeuvre dat eens voortkwam uit een bepaald leven, uiteindelijk weer de bron kan zijn om dat leven te achterhalen. Nussbaums werk bestaat voor een groot deel uit zelfportretten; daarnaast verwerkt hij zichzelf vaak op het toneel. Zo is de overmoedige Nussbaum die met zijn ‘kliek’ de gevestigde orde vervangt in het schilderij ‘Der Tolle Platz’ (1931) een volkomen andere dan de hongerige en zichtbaar door de oorlogsarmoede aangetaste broodschilder in het schilderij ‘De verdoemden’ (1943). Wanneer er in de oorlog meer en meer gebouwen gebombardeerd worden, tekent Nussbaum een afbeelding met onderuit vallende gebouwen. ‘Of het nu de klassieke cultuur is, of zijn eigen bestaan, zo lijkt hij te willen zeggen, alles zakt in elkaar. De tijd dat alles zo wonderlijk in elkaar schoof voor hem is voorbij’. Steeds is de wisselwerking tussen een veranderende tijd en een zoekend schildersbestaan zichtbaar in de opgenomen kunstwerken.

 

Orgelman deed me wat denken aan De vergelding van Jan Brokken: ook daar staat de zoektocht van de biograaf/historicus behoorlijk centraal. Schaevers laat ons ook weten wat we niet weten: ‘Hoe zit dat met Nussbaum en het Italiaanse fascisme? Niets te melden’. Hij beschrijft hoe het pand waar de Nussbaums verbleven er heden ten dage uitziet. Hij vertelt hoe langzamerhand steeds meer schilderijen boven water kwamen. Het geeft de spanning weer die Nussbaum zelf ook gevoeld moet hebben: overleeft mijn werk? Na zijn dood in 1944 verdween Nussbaum van de artistieke radar. ‘Dat nadien zijn schildersroem en zelfs complete bestaan vergeten zijn, herinnert eraan hoe hard Hitler kon gommen’, verwoordt Schaevers. Pas dertig jaar later, door een actieve houding van enkele erfgenamen, groeit hij uit boven de schilder die hij voor en tijdens de oorlog was.

 

Schaevers slaagt erin de oeverloze stroom van details tot een lezenswaardig verhaal te maken. Daarbij maakt hij regelmatig gebruik van typeringen door andere literatoren: tijdgenoten van Nussbaum, zoals Jean Améry, maar ook Primo Levi, ‘hoofdchroniqueur van Auschwitz’. Het scheppen van een verhaal gebeurt daarnaast door terug te grijpen naar eerdere gebeurtenissen in het leven van Nussbaum, Schaevers volgt hem daarin als het ware na: ook Nussbaum legt verbanden tussen verschillende schilderwerken. Over La Tempête: ‘Voor sommigen van die koorlieden spiekt Nussbaum van eerdere schilderijen. Zo mag de Oostendse visverkoopster uit een schilderij van vijf jaar eerder weer meedoen. Het pleziert hem blijkbaar, dit soort referenties aan een oeuvre waarvan alleen hijzelf het overzicht heeft’. Als lezer ga ik daarin mee, zie ik lijnen en herken ik personages.

 

 

Neem bijvoorbeeld bovenstaand werk (1939). In het schilderij herkennen we Nussbaum op de voorgrond. De vrouw op de achtergrond lijkt wat afwachtend; uit het silhouet herkennen we Felka, met name door haar haar. Al verschillende malen heeft Felix zijn vrouw nogal onflatteus geportretteerd, met een wijkende haargrens die haarverlies verraadt. Het laat iets zien van de mens die Felix Nussbaum geweest kan zijn: geen opsmuk, maar ook: geen genade. Het is de manier waarop Nussbaum ook door tijdgenoten beschreven wordt; hij is geen innemende man. De schildering straalt dreiging uit: donkere wolken, doodse boomtakken, daarmee de grimmiger wordende sfeer in de jaren ’30 weerspiegelend.

 

Op Nussbaums schilderijen is met regelmaat een orgelman te vinden. ‘Waarom altijd weer die orgelman?’ vraagt Schaevers zich af. ‘Hij kan staan voor de melancholie die een draaiorgel met zijn eeuwig herhaalde deuntjes al gauw opwekt. Hij doet ook denken aan een wandelende jood, zoals Nussbaum zelf er een is. Of is de orgelman vooral de kunstenaar op zoek naar een echo in een tijd waarin die zo moeilijk te vinden is?’ Dat de echo intussen weerklinkt is helder: Nussbaums werk wordt in de 21e eeuw zeer gewaardeerd. Misschien is het juist wel de golfbeweging van de echo die het leven van en het boek over Felix Nussbaum zo boeiend maakt: periodes van worsteling afgewisseld met momenten van euforie.

 

Mark Schaevers. Orgelman. Felix Nussbaum. Een schildersleven. De Bezige Bij, Amsterdam 2015. 456 blz. €39,99. 

Submit to FacebookSubmit to Twitter